Conditiegestuurd onderhoud: de complete handleiding
Bij conditiegestuurd onderhoud grijp je in op basis van de werkelijke conditie van een installatie, niet op basis van een vast tijdsinterval. Door de degradatie van componenten te meten en te analyseren, bepaal je het optimale moment voor onderhoud: niet te vroeg (onnodig) en niet te laat (storing).
In dit artikel leggen we uit wat conditiegestuurd onderhoud inhoudt, welke meettechnieken beschikbaar zijn en hoe je het implementeert. We bespreken wanneer conditiemonitoring de voorkeur verdient boven tijdsgestuurd onderhoud en hoe FMECA de selectie onderbouwt.
Wat is conditiegestuurd onderhoud?
Conditiegestuurd onderhoud — ook wel condition-based maintenance (CBM) genoemd — is een onderhoudsvorm waarbij de beslissing om in te grijpen gebaseerd is op meetbare parameters die de conditie van de installatie weergeven. Denk aan trillingsniveaus, temperatuur, oliekwaliteit of drukwaarden.
Het principe: elk component toont meetbare signalen van degradatie voordat het daadwerkelijk faalt. Door deze signalen te monitoren, kun je het moment van ingrijpen optimaliseren. Dit in tegenstelling tot tijdsgestuurd onderhoud, waar je op vaste intervallen vervangt — ongeacht de werkelijke conditie.
Conditiegestuurd onderhoud valt binnen de bredere categorie predictive maintenance, waarbij de nadruk ligt op het voorspellen van falen op basis van actuele data. Het is een van de drie onderhoudsstrategieën die vanuit een FMECA gekozen kunnen worden, naast tijdsafhankelijk onderhoud en run-to-failure.
Meettechnieken voor conditiemonitoring
De keuze van meettechniek hangt af van het type installatie, de faalvorm en de omgevingscondities. De zes meest toegepaste technieken in de industrie:
Trillingsanalyse. De meest gebruikte techniek voor roterende machines. Meet trillingsniveaus en frequentiepatronen om onbalans, misalignment, lagerslijtage en tandwielschade te detecteren. Geschikt voor pompen, motoren, compressoren en ventilatoren.
Thermografie. Infraroodcamera's detecteren temperatuurverschillen die wijzen op problemen: hotspots in elektrische schakelkasten, oververhitte lagers of isolatiedefecten. Snel en contactloos toepasbaar.
Olieanalyse. Meet de kwaliteit van smeerolie: viscositeit, slijtagedeeltjes, vochtgehalte en verontreiniging. Geeft inzicht in de conditie van het gesmeerde component zonder demontage. Zeer geschikt voor tandwielkasten, hydraulische systemen en turbines.
Ultrasoon meten. Detecteert hogefrequente geluiden die het menselijk oor niet kan waarnemen: persluchtlekkages, cavitatie in pompen, elektrische ontladingen in schakelapparatuur en vroege lagerslijtage.
Motor current signature analysis (MCSA). Analyseert het stroompatroon van elektromotoren om rotor-/statorproblemen, mechanische overbelasting en as-misalignment te detecteren zonder de motor te openen.
Druk- en debietmeting. Monitort het prestatieniveau van pompen, compressoren en kleppen. Een geleidelijke daling in debiet of druk wijst op slijtage, vervuiling of cavitatie.
Wanneer conditiegestuurd onderhoud kiezen?
Conditiegestuurd onderhoud is niet voor elke installatie de beste keuze. De FMECA-criticality en de aard van de faaloorzaak bepalen of de investering in meettechniek gerechtvaardigd is.
Conditiemonitoring is geschikt wanneer:
- De faalvorm geleidelijk verloopt — er is een meetbaar degradatiepad
- De installatie kritisch of onacceptabel scoort in de risicomatrix
- Tijdsgestuurd onderhoud leidt tot over-onderhoud of de slijtage onvoorspelbaar is
- De kosten van de meettechniek lager zijn dan de besparing op onderhoud en stilstand
Conditiemonitoring is minder geschikt wanneer de faalvorm plotseling optreedt (geen meetbaar voorstadium), de installatie een acceptabel risico vertegenwoordigt, of tijdsgestuurd onderhoud goedkoper en even effectief is.
Implementatie in vijf stappen
Stap 1: Selecteer installaties. Begin met installaties die uit de FMECA als kritisch of onacceptabel naar voren komen. Hier levert conditiemonitoring de meeste waarde op.
Stap 2: Kies de meettechniek. Bepaal per faalvorm welke parameter het beste de degradatie weergeeft. Koppel de meettechniek aan de specifieke faaloorzaak uit de FMECA.
Stap 3: Stel drempelwaarden in. Definieer alarm- en actiegrenswaarden op basis van fabrikantspecificaties, ISO-normen (bijv. ISO 10816 voor trillingen) en bedrijfservaring. Twee niveaus: waarschuwing (monitoring intensiveren) en alarm (onderhoud plannen).
Stap 4: Richt dataverwerking in. Bepaal de meetfrequentie, dataverzameling (online sensoren of periodieke route) en analyseproces. Zorg dat meetresultaten leiden tot concrete werkorders wanneer drempels worden overschreden.
Stap 5: Evalueer en optimaliseer. Vergelijk de werkelijke storingsfrequentie voor en na implementatie. Pas drempelwaarden aan op basis van ervaring en analyseer of de conditiemonitoring daadwerkelijk storingen voorkomt. Meet de resultaten met onderhoud-KPI's als MTBF en beschikbaarheid.
Voordelen ten opzichte van tijdsgestuurd onderhoud
Conditiegestuurd onderhoud is net als tijdsgestuurd onderhoud een vorm van preventief onderhoud — je grijpt in vóór het falen optreedt. Het verschil zit in de trigger: bij tijdsgestuurd onderhoud is dat een vast interval, bij conditiegestuurd onderhoud de werkelijke conditie van het component. De overstap van tijdsgestuurd naar conditiegestuurd biedt drie concrete voordelen:
- Minder over-onderhoud. Je vervangt componenten pas wanneer de meetdata aangeeft dat dit nodig is, niet op een vast interval. Dit bespaart materiaal- en arbeidskosten.
- Langere componentlevensduur. Componenten die nog in goede conditie zijn, worden niet onnodig vervangen. De werkelijke levensduur wordt maximaal benut.
- Minder ongeplande stilstand. Door degradatie vroegtijdig te detecteren, plan je onderhoud in voordat het component daadwerkelijk faalt. Dit vermindert ongeplande stilstand met doorgaans 30-50%.
Niet elke asset leent zich voor conditiegestuurd onderhoud. FMECA helpt bij die afweging. Previx vereenvoudigt dit proces met een intuïtieve workflow en AI-ondersteuning, zodat je in een fractie van de tijd de juiste keuze maakt. Ontdek Previx →
Conclusie
Conditiegestuurd onderhoud is de volgende stap na tijdsgestuurd onderhoud voor kritische installaties. Door de werkelijke conditie te meten en drempelwaarden te hanteren, grijp je in op het optimale moment — niet te vroeg en niet te laat.
Begin met een FMECA om te bepalen welke installaties en faalvormen in aanmerking komen voor conditiemonitoring. Conditiemonitoring past binnen een bredere onderhoudsstrategie die je per installatie bepaalt. Kies vervolgens de juiste meettechniek en bouw stapsgewijs ervaring op. Meer over predictive maintenance lees je in ons artikel over predictive maintenance. De bredere context van onderhoudsstrategiebepaling bespreken we in ons artikel over preventief en correctief onderhoud.

